Aangesloten bij de Nederlandse Bond van Vogelliefhebbers

Goudmus

Voor Foto's Zie onderaan. Onder

Nederlandse Naam:

Goudmus

Wetenschappelijke naam:

Passerluteus euchlorus

Verslag in PDF-formaat:

Voor het verslag over de Goudmus in PDF-formaat

Verspreidingsgebied:

Afrika, van Ethiopië tot Nigeria.

Grootte:

Ongeveer 13 tot 14 centimeter

Geslachtsonderscheid:

De mannetjes zijn geel van kleur met grijsbruine vleugels, rug en staart. Bij de vrouwtjes mist het geel en hun kleur is een tint lichter dan die op de rug, vleugels en staart van het mannetje.

Sociale eigenschappen:

Deze vogels kunnen zowel onderling als met andere voličrebewoners prima vinden. U houdt deze sociale vogels niet als eenling, maar bij voorkeur als koppel of in een klein groepje.

Geschikte behuizing:

Bruinruggoudmussen kunnen zowel in een buiten- als kamervoličre gehouden worden, maar u kunt ook een koppel tijdelijk in een ruime broedkooi onderbrengen. De dieren hebben behoefte aan beschutting in de vorm van struikjes of takjes. In een “kale” kooi of voličre voelen ze zich zelden op hun gemak. De buitenvoličre is bij voorkeur overkapt en is op een beschutte plaats gesitueerd, waar het niet kan inregenen.

Omgevingstemperatuur:

Deze vogels kunnen doorgaans prima in een buitenvoličre gehouden worden. Wanneer ze de beschikking hebben over een goed geďsoleerd en vorstvrij nachthok is verwarming in de winter doorgaans niet nodig.

Voedsel:

Een zaadmengsel voor tropische vogels, wat groenvoer- met name halfrijpe graszaden- en universeelvoer en insectenpaté, in de kweektijd aangevuld met levende insecten en eivoer, vormen een prima menu voor deze vogels. Grit en maagkiezel horen altijd in voldoende mate aanwezig te zijn.

Activiteiten:

Bruinruggoudmussen zijn bewegelijke en vrij schuwe vogels. Vooral in kale ruimten en kleine kooien kunnen ze behoorlijk schrikachtig zijn. De mannetjes van deze soort zingen.

Ringmaat:

2.7

De Kweek:

Bruinruggoudmussen nestelen in een klein formaat nestkastje, bijvoorbeeld een traliekastje, een gesloten of een halfopen broedblokje. Het vrouwtje legt gemiddeld 3 tot 4 eitjes die groen van kleur zijn met zwarte stipjes. Ze woeden in ongeveer 11 tot 13 dagen door het vrouwtje uitgebroed. De jongen worden in hoofdzaak gevoerd met diverse insecten in verschillende stadia, zoals geknipte meelwormen en buffalowormpjes, maar ook wel met universeel- en eivoer. Wanneer ze ongeveer twee weken oud zijn, vliegen de jongen uit. Ze worden dan nog een week of twee door de ouders begeleid en gevoerd. Een kweekstel in goede conditie kan meerdere broedsels per seizoen grootbrengen.

Auteur en fotograaf:

D. Harbers uit Rijssen

Noot van de auteur:

Op tekst en foto's zit copyright deze mogen dus niet gekopieerd worden!!

Foto's

NB. Wacht eerst voor alle foto's zijn geladen! Als u eerder op een andere foto klikt laad hij niet verder! U ziet dat doordat in de balk onderaan 'Gereed' staat. Dan kunt u op een andere foto klikken!

Terug